leestijd 7 minuten

Recent zag ik dit item van Arjen Lubach, waarin hij de wildgroei aan coaches in Nederland aankaart. Zoals hij zelf aangeeft zitten hier bekwame en minder bekwame coaches tussen. Iedereen mag zich tegenwoordig namelijk coach noemen. Het is interessant te kijken waar de enorme toename in coaches vandaan komt. Volgens mij gaat hier een fundamentele ontwikkeling achter schuil, namelijk ons continue streven naar meer. Immers, als er geen vraag zou zijn naar coaches, dan zou de eerdergenoemde toename ook niet kunnen voortduren. Waar komt ons continue streven naar meer vandaan? Wat levert ons dit op? En hoe kan je omgaan met de onrust die daarbij komt kijken? Hieronder deel ik mijn inzichten.

Je kunt anderen pas coachen als je jezelf kunt coachen.

Johan Cruijff

Nu verandert er langzaam iets

Arjen Lubach is niet de eerste die de coachingscultuur in Nederland aankaart. Op het IDFA 2018 ging de documentaire ‘Nu verandert er langzaam iets’ van Menna Laura Meijer in première. In deze bijna 2 uur durende film word je heen en weer geslingerd tussen allerlei vormen van coaching. Van varkens knuffelen tot een training klantgerichtheid voor monteurs en van familieopstellingen tot vaderschapstraining. Je kan het zo gek niet bedenken of het passeert de revue.

Tijdens het kijken van deze ‘slow tv’ voelde ik plaatsvervangende schaamte. Ik vond het tenenkrommend en frustrerend om naar te kijken. En toch begreep ik het ergens ook wel. Er zit een bepaalde onrust in ons en we hebben allemaal een eigen manier van daarmee omgaan. De een krijgt een bijzonder inzicht tijdens een training met paarden, de ander tijdens een training met familieopstellingen. Zelf heb ik immers ook een scala aan trainingen en coaching gevolgd die me een enorme persoonlijke groei hebben opgeleverd. Van een persoonlijk ontwikkeltraject tijdens het traineeship bij mijn eerste baan tot een cursus improvisatietheater, een wekelijkse check-in met mijn accountability partner en relatietherapie.

Waar ons streven naar meer vandaan komt

Vroeger was het leven eenvoudig. Je werkte hard, zodat je na het leven hier op aarde in het hiernamaals zou belanden. Voor velen is die vrees voor de dag des oordeels al lang niet meer aanwezig. Wat drijft ons nu dan om altijd meer te verlangen?

In de tijd van de industrialisering werd in fabrieken hard gewerkt om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. De drang naar meer (of in ieder geval voldoende) werd daar gedreven vanuit bittere noodzaak. Werk was veelal repetitief en eenvoudig, dus je was als werknemer makkelijk vervangbaar. Als gevolg daarvan konden fabriekseigenaren een relatief laag loon betalen. Accepteerde je dat niet, dan stonden zo 10 anderen klaar om jouw werk over te nemen. Kijk zeker eens het meesterwerk ‘Modern Times’ van Charly Chaplin, dat een prachtig beeld geeft van de samenleving rond die tijd.

Still uit de film Modern Times van Charly Chaplin

Tegenwoordig hoeven velen van ons niet meer te werken zoals ten tijde van de industriële revolutie. Zodra aan de basisbehoeften is voldaan, zouden we kunnen gaan genieten van onze vrije tijd. In plaats daarvan werken we echter stug door voor die tweede (of derde) vakantie, die boot of dat vakantiehuis. Hebben we moeite de vastgeroeste gewoonten van altijd meer werken los te laten? Of is er iets anders aan de hand?

Wanneer ervaar jij succes?

dat dit de achterliggende oorzaak is voor ons continue streven naar meer en de rusteloosheid die daarbij komt kijken.

Wat als je nu eens wat meer vis vangt?

Er bestaat een bekende parabel over succes die in verschillende vormen wordt verteld. In essentie gaat het verhaal als volgt. Een visser zit rustig te vissen wanneer een zakenman langskomt. Ze raken aan de praat en de zakenman vraagt de visser waarom hij niet wat geld in een boot investeert. In het meer zit immers veel meer vis en met een boot kan hij meer vis vangen. Die extra vis kan hij dan verkopen en van het geld dat hij daarmee verdient kan hij iemand anders inhuren om ook voor hem te gaan vissen. Als hij dat een paar keer herhaalt dan kan hij een organisatie opbouwen waarmee hij steeds meer geld verdient. Het zal een aantal jaren heel hard werken zijn, maar uiteindelijk zal de visser rijk zijn. 

De visser kijkt de zakenman aan en vraagt hem: “En wat zou ik dan doen?”. De zakenman antwoordt hem dat hij dan zo rijk is dat hij kan doen wat hij wil, bijvoorbeeld de hele dag rustig langs de kant van het meer vissen. De visser antwoordt hem dat dit precies is wat hij nu al doet.

Succes is persoonlijk

De zakenman in dit verhaal meet het succes van de visser af aan zijn eigen maatstaven. Voor de zakenman zit succes hem in financiële middelen. De visser lijkt echter tevreden met de rust van het leven dat hij op dit moment leeft. 

Hierin zit wat mij betreft een groot deel van de verklaring achter onze rusteloosheid. We weten onvoldoende wat succes voor ons betekent. Zolang we dat niet helder hebben zullen we meer en meer blijven doen in de hoop ooit datgene te vinden dat ons gelukkig maakt.

Een groot verschil zit hem daarbij in extern succes en intern succes. Extern succes is wat anderen belangrijk vinden. Hoeveel volgers heb je op Instagram, rij je in een mooie auto en verdien je veel geld? Intern succes gaat over het leven naar de waarden die voor jou belangrijk zijn. Lukt het jou je leven zo in te richten dat je zo vaak mogelijk datgene doet waar je energie van krijgt?

De juiste balans vinden tussen interne en externe succesbeleving is lastig. Zo merk ik dat ik enorm geniet van groei die ik zelf doormaak, ongeacht wat anderen daarvan vinden. Een duidelijke interne beleving van succes. Tegelijkertijd bekijk ik regelmatig de bezoekersaantallen van mijn blog en de artikelen daarop. Dat is een duidelijke maatstaf voor externe validatie en succesbeleving.

Succes gaat over zingeving

Onze rusteloosheid en streven naar meer wordt dus mede gevoed door een onduidelijke definitie van succes. Succes op zijn beurt gaat weer over zingeving. Wanneer ben je goed en nuttig bezig?

Eerder in dit artikel noemde ik al het afgenomen geloof in iets als het hiernamaals. Kerken lopen leeg, terwijl grote groepen mensen wel op zoek zijn naar iets als zingeving. Noem het purpose, je levensdoel of het lot, we zijn met zijn allen op zoek naar ‘iets’. Ik geloof dat deze zoektocht deels voortkomt uit onze steeds individualistischere levenswijze. De gemeenschapszin is enorm afgenomen ten opzichte van slechts enkele tientallen jaren geleden. Zijn je ouders hulpbehoevend? Thuiszorg of een verzorgingshuis bieden uitkomst. De buren? Geen idee wie dat zijn. We hebben dus steeds meer de luxe ons op onszelf en een kleinere kring naasten te richten. Dan komt vanzelf de vraag op: waar ben ik nou eigenlijk mee bezig en waarom? 

Opener dan ooit

Iemand die hier veel van weet is Tim Vreugdenhill. Tim is ondernemer en dominee en hij ziet juist in deze tijd nieuwe kansen voor kerken. In zijn boek Opener dan ooit beschrijft hij deze kansen voor kerken om in te spelen op de massale vraag naar zingeving. Ook als je, net als ik, niet zo veel (meer) hebt met religie of geloof dan is het zeer de moeite waard Tim te volgen. In het ergste geval levert het je nieuwe inzichten op.

Er speelt nog iets bij ons streven naar meer

Veel meer dan het afleren van hardnekkige gewoonten ontstaat het streven naar meer dus uit een onduidelijke definitie van succes. De zoektocht naar zingeving is een van de puzzelstukjes, maar het vertelt niet het hele verhaal. 

Ik ben namelijk overtuigd dat het merendeel van onze uitdagingen te maken heeft met balans. Lekker eten is fantastisch, maar doe het te vaak en je gezondheid moet het ontgelden. Sporten is heerlijk, maar loop te hard van stapel en een blessure ligt op de loer. Hard werken kan je veel opleveren, maar mag dat dat ten koste van je privéleven gaan?

Dit is precies het punt waarop het lastig wordt bij ons streven naar meer. De juiste balans bestaat niet. Het is zwart-wit: je hebt het veel te druk of de verveling slaat toe. Zeg nou zelf, hoe vaak heb jij het precies druk genoeg?

Hebben we het heel druk, dan geloven we vaak ook nog dat we daadwerkelijk streven naar rust. Onzin. Als we echt rust zouden willen, dan zouden we onszelf geen burn-out in werken of doorgaan zodra we genoeg middelen hadden om rust te nemen. Daarbij is werk verslavend. Hoe verwacht je dat het je zal vergaan om na 40 jaar keihard werken ineens niets meer te doen te hebben? Kijk je al uit naar dit beeld van volledige rust?

Nee, we blijven streven naar de volgende mijlpaal, want dan worden we gelukkig. Zijn we eenmaal bij de volgende mijlpaal aanbelandt, dan hebben we het volgende doel al in het vizier. 

Andere puzzelstukjes

Het streven naar meer en de bijbehorende rusteloosheid houdt me bezig. Het is een proces dat nooit af zal zijn, maar waarin ik wellicht met kleine stapjes meer rust in kan ervaren. Rust houdt in dat het me steeds beter lukt te focussen op interne succeservaring en me minder laat leiden door wat anderen belangrijk vinden. Nu merk ik dat ik me schuldig kan voelen wanneer ik niet ‘nuttig’ of effectief bezig ben iets. Ik heb immers zoveel potentie en slechts een beperkte tijd om dit te realiseren. 

Enkele van de puzzelstukjes die mij helpen in deze zoektocht zijn mindfulness, dagelijks stilstaan bij dankbaarheid en op verschillende manieren helpen van anderen. De valkuil bij al deze gewoonten is het niet te zien als de zoveelste taak die ik effectiever of efficiënter kan uitvoeren. De taak zelf is immers het doel.Een van de dingen die me is opgevallen in op persoonlijke ontwikkeling gerichte trainingen dat je uit je vertrouwde omgeving wordt gehaald. Dat klinkt misschien logisch, maar het heeft een belangrijk effect. De afleiding van alledag valt weg. Geen collega’s, e-mail of kinderen om je op te focussen, maar alleen jezelf. Door zo aan de rem te trekken komen dingen los die vaak al een tijdje onder de oppervlakte borrelden. Dit zijn de momenten dat je erachter komt dat je zo niet langer door kan of wil gaan, of dat je het roer wilt omgooien. Als het je lukt deze momenten van reflectie vaker in te bouwen, dan kan je eerder bijsturen.

You have exactly one life in which to do everything you’ll ever do. Act accordingly. 

Colin Wright